Je team opmeten voor werkkleding is geen huzarenstuk, maar het wordt vaak onnodig ingewikkeld gemaakt. Geen grote maatsessies met een lintmeter in de pauze, geen raden bij maten via de pasvorm van een collega. Gewoon systematisch te werk gaan — met een duidelijke structuur en de juiste maattabel voor het merk dat je bestelt.
▶Inhoudsopgave
Waarom de juiste maat werkelijk ertoe doet
Te klein? Dan zit alles strak, knieën kunnen niet goed buigen en naden krijgen extra spanning. Te groot? Dan hangt de broek in de knieholte, zakken vangen vuil en de band zakt bij elke hurk.
Geen van beide situaties is functioneel. Een pasvorm die net iets ruim zit aan de heup maar niet uitsluitend op de taille, geeft ruimte om te bewegen zonder dat je kleding in de weg zit.
Wat me opvalt is dat veel teams maten kiezen op basis van gewoonte — “ik draag altijd een 52” — zonder te checken of die maat overeenkomt met het merk dat ze bestellen. En dat is precies waar het misgaat.
Maattabellen per merk: geen universele maat
Een maat 50 bij Snickers is geen maat 50 bij Blaklader, en zeker niet bij Tricorp.
Elke fabrikant werkt met eigen patronen, eigen sneden en eigen stretchverhoudingen. De pasvorm van de broek of de jas hangt af van hoe de panelen geplaatst zijn, hoeveel elastische vezels in de stof zitten en hoe de taillelijn valt.
Veelgebruikte maten en hun benadering
Daarom: gebruik altijd de maattabel van het specifieke merk dat je bestelt. Niet een algemene tabel, maar de officiële maattabel van dat merk. Die vind je meestal op de website van de leverancier of in de catalogus van je werkkledingleverancier. De meeste werkkleding valt in de standaardreeks XS tot 3XL, soms uitgebreid tot 4XL of zelfs 5XL.
Binnen die reeks zitten tussenvormen zoals “lang” of “kort” — bijvoorbeeld een 50L of een 48K.
Die zijn bedoeld voor mensen die langer of korter zijn dan gemiddeld, zonder dat de broek of jas te wijd of te smal wordt. Eerlijk gezegd, die tussenvormen worden te weinig gebruikt. Veel teams bestellen alleen de standaardlengte, en dan klagen mensen dat de broek te kort is of de mouw te lang. Gewoon even checken of er een L- of K-optie is — dat lost al veel klachten op.
Hoe meet je correct op?
Geen meetlint rondom de taille, maar systematisch opmeten met een flexibele meetlint.
En niet zelf doen — laat iemand anders meten, zodat de persoon ontspannen staat en de lintmeter horizontaal blijft. Dit zijn de belangrijkste maten die je nodig hebt:
- Tailleomtrek: Meet op de plek waar de broek normaal zou zitten — meestal net boven de heupbeenderen.
- Binnenbeengte: Van kruis tot enkel, langs de binnenkant van het been. Dit bepaalt of de broek niet te kort zit bij langere benen.
- Heupomtrek: Rond de breedste punt van de heupen. Vooral relevant bij strakkere modellen of jasjes.
- Torso-lengte: Voor jasjes: van de nek (C7-wervel) tot de taillelijn. Dit bepaalt of de jas niet uit de broek schiet als je je strekt.
Meet altijd aan de kant waar de persoon het meest comfortabel is — vaak de rechterkant — en noteer de maten in centimeters. Rond niet af, want een halve centimeter kan het verschil maken tussen een 50 en een 52.
Maatnamesessie organiseren: praktisch en efficiënt
Plan een vaste tijd in — bijvoorbeeld een ochtend of middag — en zorg dat iedereen op tijd is.
Geen wachtende mensen, geen gehaaste metingen. Een rustige sessie duurt per persoon maximaal vijf minuten. Zorg dat je per teamlid een formulier hebt met de benodigde maten. Noteer ook het merk en het type kledingstuk (broek, jas, overall), want maten kunnen verschillen per productlijn. Zoek je comfortabele kledingsets voor dagelijks gebruik? Dat is voor elk type professional essentieel.
Een Snickers Workwear-broek en een Snickers-jas hoeven niet dezelfde maat te hebben. Dat vind ik trouwens een van de meest onderschatte punten: mensen denken in “maar één maat”, maar je lichaam is niet uniform. Zakelijk werkkleding inkopen voor je team helpt je om dit proces gestroomlijnd te regelen.
Je hebt een andere verhouding tussen taille en heup dan tussen schouder en arm.
Dus meet alles apart.
Voorraad aanleggen: denk vooruit
Bestel niet alleen voor het huidige team, maar leg ook een kleine voorraad aan van veelvoorkomende maten. Denk aan maten die vaak voorkomen in je sector — bijvoorbeeld veel 50 en 52 bij mannen, of specifieke werkkleding voor vrouwen met de juiste pasvorm. Houd rekening met seizoenswisselingen: in de winter draag je dikker ondergoed, dus een maat groter kan zinvol zijn.
En check regelmatig of je voorraad nog klopt. Teams veranderen, mensen komen en gaan, en een oude voorraad van uitsluitend 48’ers helpt niemand als je nieuwe medewerkers een 54 nodig hebben.
Tips voor een betere pasvorm
Let op de details die het verschil maken: En als laatste: vraag feedback.
- Stretchmateriaal: Kleding met elastische vezels (zoals Cordura-stretch of polyester-katoen met spandex) geeft meer speelruimte. Ideaal voor mensen die veel hurken of strekken.
- Panelen en naden: Bij broeken met panelen (zoals bij Blaklader of Snickers) zit de pasvorm vaak beter afgestemd op beweging. Let op waar de naden vallen — op de knie, aan de binnenkant van het been — en of die naden versterkt zijn.
- Holsterzakken en dijbeenzakken: Deze zakken beïnvloeden de pasvorm. Als ze te strak zitten, drukken ze op het been. Controleer of ze functioneel zijn zonder in te leveren op comfort.
Niet na een maar na een paar weken dragen. Dan weet je echt of de maat goed zit — niet alleen op papier, maar in de praktijk.